Vroeger had je geen influencers die hun smaak lieten afhangen van een havercappu met kaneel, nee, vroeger had je gewoon bier. Veel bier. En ergens in Limburg dachten ze begin vorige eeuw: “Weet je wat? Dat kunnen wij ook wel.” Zo ontstond uiteindelijk Hertog Jan, het biermerk dat inmiddels net zo Nederlands voelt als zeuren over het weer.
Het verhaal begint in Arcen, waar een paar brouwerijen in 1915 besloten samen verder te gaan. Gewoon de krachten bundelen, want samen kun je meer bier maken en dus meer mensen gezellig krijgen. Slim bekeken. Alleen heette het toen nog niet Hertog Jan. Die naam kwam pas veel later, vernoemd naar Jan I van Brabant. Een soort middeleeuwse Bourgondiër die waarschijnlijk exact het type man was dat om 11 uur ’s ochtends al zei: “Laten we maar een potje doen.”
En eerlijk is eerlijk: dat bier sloeg aan. Vooral omdat Hertog Jan altijd een beetje het imago hield van “gewoon degelijk bier zonder hippe onzin eromheen”. Geen ingewikkelde IPA met mango en dennennaalden, maar pils waar je gewoon een bruine fruitschaal naast kunt zetten zonder eerst een bier-sommelier te hoeven raadplegen.
Later kwam de brouwerij in handen van het gigantische bierconcern AB InBev, maar Arcen bleef gewoon het thuisfront. Vandaag de dag is Hertog Jan nog steeds het bier van “doe maar normaal, maar wel lekker”. Bourgondisch, een tikkeltje trots en vooral iets dat standaard koud staat in koelkasten in het zuiden en oosten van Nederland. Al zie je het tegenwoordig ook volop terug in studentensteden, sportkantines en eigenlijk overal waar mensen houden van een lekker no-nonsensebiertje.
En voor sommigen zit de liefde voor dit bier écht diep. Tot onder de huid, letterlijk. Bekijk het volgende prikplaatje maar eens. Dat is pas toewijding. Zo’n enorme tatoeage als eerbetoon. En eerlijk is eerlijk: strak gezet ook nog eens. Ook zo’n tattoo hebben? Hiero kun je terecht!
Plaats reactie
0 reacties