Onder de drukke straten van Parijs ligt een plek waar de meeste toeristen nooit komen. Terwijl boven de cafés, boulangeries en toeristenbussen gewoon hun ding doen, loopt er onder de stad een gigantisch netwerk van tunnels. De beroemde catacomben van Parijs: een ondergronds doolhof van naar schatting meer dan 300 kilometer aan gangen.
Een klein stukje daarvan is open voor bezoekers, maar het grootste deel is streng verboden terrein. Volgens verhalen verdwalen mensen er, worden er geheime bijeenkomsten gehouden en liggen er letterlijk miljoenen menselijke botten en schedels opgeslagen.
De Noorse YouTuber Magnus Midtbø wilde wel eens zien of die verhalen echt kloppen. Dus besloot hij het ondergrondse doolhof zelf te verkennen.
Zelf een kijkje nemen
Dat bleek makkelijker gezegd dan gedaan. De ingangen van de verboden delen van de catacomben zijn namelijk geheim en vaak verstopt achter luiken, putten of afgesloten tunnels.
Uiteindelijk vindt Magnus iemand die hem wil meenemen als gids. Maar dat gaat onder strikte voorwaarden: de exacte ingang mag niet in beeld komen en sommige delen mogen absoluut niet gefilmd worden.
Niet iedereen onder de grond zit namelijk te wachten op camera’s. In de catacomben lopen namelijk ook zogeheten “cataphiles” rond: mensen die de tunnels als hobby verkennen. Sommigen brengen er zelfs dagen of weken door en laten vrienden eten brengen. En die worden niet altijd blij van nieuwsgierige buitenstaanders.
Niet zonder gevaar
Al snel wordt duidelijk waarom er zoveel mysterieuze verhalen over de catacomben bestaan. Vrijwel alle tunnels lijken op elkaar en zonder gids raak je binnen no time compleet gedesoriënteerd.
Mobiel bereik? Vergeet het maar. En als je daar beneden verdwaalt, is de kans klein dat hulpdiensten je snel vinden. Zelfs met een kaart is het lastig navigeren, omdat je eigenlijk geen idee hebt waar je precies onder de stad zit.
Het “kerkhof” onder Parijs
Het uiteindelijke doel van de tocht is een plek die door kenners “het kerkhof” wordt genoemd. Een gebied dat op vrijwel geen enkele kaart staat en waar maar weinig mensen ooit komen.
Om er te komen moeten Magnus en zijn gids door tunnels lopen waar het water soms tot hun heupen staat. Daarna dalen ze via een oude put ongeveer vijftien meter naar beneden.
Beneden komen ze terecht in een bizarre ruimte waar letterlijk duizenden schedels en botten liggen opgestapeld. De resten zouden afkomstig zijn van oude Parijse begraafplaatsen die eeuwen geleden onder de grond zijn verplaatst.
Voor Magnus is het op dat moment wel duidelijk: dit is zonder twijfel de griezeligste plek waar hij ooit is geweest. Tijdens de terugweg raken ze meerdere keren bijna verdwaald voordat de gids uiteindelijk de ladder vindt die hen weer naar de oppervlakte brengt.
En de les van dit verhaal is simpel: hoe spannend het ook klinkt, dit soort avonturen kun je beter niet zelf proberen. Zeker niet zonder iemand die de weg kent. Onder Parijs kun je namelijk sneller verdwijnen dan je denkt.
Plaats reactie
0 reacties