Veel Nederlanders durven niet te reanimeren: ‘Niets doen voelt veiliger’

| door Steve Stiffbone

Je hoopt natuurlijk dat je het nooit hoeft mee te maken. Iemand zakt voor je neus in elkaar en ineens ben jij degene die het verschil moet maken. We denken graag dat we dan onmiddellijk in actie komen, maar in werkelijkheid slaan veel Nederlanders volledig dicht.

Nederlanders geven zichzelf gemiddeld een 5,7 voor hun vaardigheden op het gebied van reanimatie. Veertig procent geeft zichzelf zelfs een onvoldoende. Dat is nogal zorgwekkend, want iedere dag krijgen in Nederland gemiddeld 47 mensen buiten het ziekenhuis een hartstilstand.

Videomaker Darshan Boerema volgde zelf een reanimatiecursus, maar geeft eerlijk toe dat ook hij niet weet of hij in een echte noodsituatie meteen zou handelen. In een nieuwe video onderzoekt hij waar die twijfel vandaan komt.

Bang om het erger te maken

Volgens de Hartstichting is vooral de angst om iets verkeerd te doen een grote drempel. Mensen denken al snel dat niets doen veiliger is dan verkeerd ingrijpen. Psycholoog Bertus F. Jeronimus legt uit dat dit een bekende denkfout is.

Wanneer iemand tijdens onze poging tot helpen iets overkomt, voelt dat vooraf erger dan wanneer we helemaal niets doen. Terwijl bij een hartstilstand juist iedere seconde telt en niets doen de minst veilige keuze is.

Het kan volgens de deskundigen helpen om hardop te zeggen wat er gebeurt en wat er moet gebeuren. Door bijvoorbeeld duidelijk uit te spreken dat iemand 112 moet bellen en een ander een AED moet halen, kom je zelf sneller in actie.

Je kunt er zelf ook last van houden

Ingrijpen is niet alleen belangrijk voor het slachtoffer. SEH-arts Heleen Lameijer wijst erop dat hulpverleners ook zichzelf kunnen helpen door te handelen. Wie heeft geprobeerd iets te doen, houdt daar volgens onderzoek minder vaak een trauma aan over dan iemand die machteloos heeft staan toekijken.

Je hoeft daarbij geen wandelend medisch handboek te zijn. Bel 112, zet je telefoon op de luidspreker en volg de aanwijzingen van de meldkamer. Een AED vertelt bovendien stap voor stap wat je moet doen.

Hard drukken mag

Rond reanimatie bestaan nog behoorlijk wat misverstanden. Zo denkt 82 procent van de Nederlanders dat borstcompressies bedoeld zijn om het hart opnieuw te laten kloppen. In werkelijkheid zorgen ze er vooral voor dat het bloed blijft circuleren.

Ook denkt 36 procent dat niet iedereen zomaar een AED mag gebruiken. Dat mag juist wel, ook zonder training. Bijna drie op de tien Nederlanders denken daarnaast dat een vrouw moeilijker te reanimeren is dan een man.

Dan is er nog de angst om ribben te breken. Daardoor zou je tijdens het reanimeren voorzichtig moeten drukken, denkt 28 procent. Ook dat is een gevaarlijke misvatting. Een gebroken rib is vervelend, maar niet reanimeren bij een hartstilstand heeft doorgaans iets vervelendere gevolgen.

In twee uur te leren

Tijdens een reanimatiecursus wordt een vast stappenplan zo vaak geoefend dat het in een noodsituatie bijna automatisch naar boven moet komen. Zo’n basiscursus reanimatie en AED-gebruik hoeft volgens EHBO-instructeur Germa maar ongeveer twee uur te duren.

Om te zien hoe groot de drempel in de praktijk is, trok Boerema met vrijwilligers van het Rode Kruis de binnenstad van Groningen in. Voorbijgangers kregen daar de vraag of zij onder begeleiding op een oefenpop wilden reanimeren.

De belangrijkste les is uiteindelijk simpel: je hoeft het niet perfect te doen om van betekenis te zijn. Bel 112, luister naar de meldkamer en begin. Bij een hartstilstand is iets doen vrijwel altijd beter dan niets doen.

Lees ook

Lees het artikel op de mobiele website

Net binnen

Bekijk meer artikelen