Absurd maar waar: deel 2
Dat de Nazi’s erg goed waren in complotten, is intussen maar al te duidelijk. Neem nou de brand in de Rijksdag. In de nacht van 27 februari 1933 stond het regeringsgebouw plotseling in lichterlaaie. Volgens Adolf en consorten had een Nederlandse communist het vuurtje aangestoken: Marinus van der Lubbe.
Een dag later werd de Reichtstagsbrandverordenung al van kracht. En met die wet konden de Nazi’s legaal de volledige macht naar zich toetrekken. Het leek erop dat de Rijksdagbrand hen érg goed uitkwam. Nou, misschien wás dat ook wel zo. Sterker nog: de geaccepteerde verklaring is inmiddels dat de Nazi’s een handje (of aanstekertje) hebben geholpen.
Van der Lubbe ligt begraven op het Südfriedhof in Leipzig. Alleen is niet bekend waar precies. Ze hebben z’n as destijds willekeurig uitgestrooid, zo vertelde de opzichter van het kerkhof ons in 2004. Hij had persoonlijk gemerkt hoe de Oostduitse veiligheidsdienst, de Stasi, het voorbeeld van de Nazi’s had overgenomen. De Stasi kwam namelijk een paar keer per jaar in het diepste geheim naar hetzelfde kerkhof. Waarom? Om in het crematorium een tegenstander van het socialistische DDR-regime te verbranden, waarna z’n as op een al even geheime plek op het kerkhof werd verstrooid. De opzichter werd met de dood bedreigd, zodat hij z’n mond erover zou houden. De laatste keer dat het gebeurde, was pas in 1988…







Stel je voor dat de nazi’s de oorlog hadden gewonnen. Waarschijnlijk zou de hele endlosung in 2006 dan ook zijn afgedaan als een onbewijsbaar complot. Dat is wel een afschrikwekkende gedachte…