Brazilie: “Waren we bijna ontploft!”
Sao Paulo heeft de grootste concentratie Japanners buiten Japan. In de Japanse wijk wordt het straatbeeld gedomineerd door Japanse bogen over de weg, maar dat is dan ook het enige wat aan Japan doet denken. We neuzen rond in twee souvenirshops, die schaars zijn in Sao Paulo. Je kunt er allerlei prullaria kopen, en ook grote vogelspinnen, die een vreselijke dood zijn gestorven voordat ze in plastic zijn gevangen. Naast ons wordt een man door de politie onder schot gehouden en gearresteerd.
De bus kraakt. Als we langs of door een klein dorpje rijden, stappen er kinderen in en uit. Er stapt een vrolijk meisje in en gaat, na een wenk van de man voor ons, naast hem zitten. Hij lijkt haar leraar te zijn. Ze laat hem haar huiswerk zien en raakt haar goede humeur kwijt wanneer hij zijn arm over de rug van de stoel legt en in haar oor begint te fluisteren. Het meisje valt stil. Na veel gefluister van zijn kant, stapt ze op en gaat ergens anders zitten. We durven te wedden dat hij haar de kans bood een goed cijfer te halen.
Een huis dat in de Efteling misschien wel de mooiste attractie zou zijn. Kunstenaar
We waren
En jawel, Rud-gr was de slome Patrick weer eens te snel af. Terwijl Patman nog uitgebreid in de file stond en de motoren uit Assen hem lachend om de oren vlogen was ik zo slim om voor het zingen (lees: finish
Na een rit van vier uur komen we kotsmisselijk aan in Paraty. Het busstation bevindt zich aan de rand van het stadje. Dit deel van Paraty doet nog niet denken aan een paradijselijk oord. We gaan even zitten om onze misselijkheid te laten zakken alvorens aan te kloppen bij een nabij gelegen hostal, genaamd Pouso Familiar. Uit de LP weten we dat het wordt gerund door Joseph, een Belg, en zijn Braziliaanse vrouw. We bellen aan. Joseph doet open en roept: “Welcome! Bienvenido! Willkommen!” waarop wij zeggen: “Gewoon ‘Welkom’ is ook goed hoor.” Toch wel weer leuk tegen vreemden Nederlands te kunnen praten. En we zijn blij met onze kamer.
Nu alles lijkt te draaien om commercie, regeltjes, burgerlijkheid en ikke-ikke-ikke, moet het allemaal duurder, groter, massaler. En ondertussen vergeet je compléét wat er in de rest van Europa te koop is. Want in de landen om ons heen worden zomerfestivals georganiseerd waarvan wij hier in dit bekrompen land alleen maar kunnen dromen. Zo tuften wij dit jaar weer eens richting Berlijn, om voor de tweede keer in ons leven het
We eten in een simpel restaurantje vlakbij de hostal. Het restaurantje zit bijna geheel vol met Carioca’s, allen mannen. Wij nemen het tafeltje aan de straat en worden aangesproken door de twee andere buitenlanders in het restaurantje. Deze twee mannen komen uit Bristol en hun bedoeling was twee weken Portugees te leren in Lissabon. Omdat het daar regende hebben ze een vlucht geboekt naar Rio. Ze hebben nog geen plek kunnen vinden waar ze lessen Portugees kunnen volgen en hier regent het ook.
Het is donker als we de taxi instappen. De chauffeur zegt geen woord terwijl Rio aan ons voorbij raast. Het drukke verkeer, de oprijzende bergen in de verte, de favela’s; het is een bijzonder schouwspel. Here Jezus heeft door de verlichting de kleur groen gekregen en kijkt uit over de stad. De favela’s zijn goed vertegenwoordigd. Deze mistroostige wijken klimmen tegen de bergen op, en hebben ook de meeste vlakke gedeelten van de stad in hun greep. Grote, goed onderhouden torenflats worden afgewisseld met kleine, antieke, mooie kerkjes. De wijken aan zee, in dit geval Flamengo en Botafogo, doen erg optimistisch aan. Luxe flats, veel elektrisch licht, een mooi strand, een prachtige baai met talloze bootjes, uitzicht op de Suikerbroodberg en joggende mensen.
Ook de Braziliaanse kant van de watervallen is erg fotogeniek. En wat het ook erg leuk maakt, zijn de talrijke coati’s (neusbeertjes). Ze staan bekend als ware criminelen, dus het wordt aangeraden je tas uit hun zicht te houden. Verder zijn het leuke en beweeglijke beesten. Alet doet erg veel moeite een coati goed op de foto te krijgen, maar elke keer als ze in een goede positie zit, zet het beest het op een lopen. Maar haar geduld wordt uiteindelijk beloond. De volgende coati komt ons over het pad tegemoet. Een Amerikaans wijf ziet de coati, gaat gillen, roept “een miereneter!” en spuit vervolgens anti-muggengif naar het beest. Gelukkig mist ze haar doel.
Het wordt donker als we om zeven uur in Dourados aankomen. Bij het ronde busstation zijn enkele kleine winkeltjes waar je empanadas kan kopen en binnen zijn de loketten van de verschillende busmaatschappijen. Terwijl Alet buiten op de bagage let, koop ik de kaartjes naar Foz do Iguaçu. De man achter het loket spreekt geen Engels en zegt ook geen Spaans te verstaan. Maar ik maak duidelijk dat ik twee kaartjes wil naar Foz. Hij is erg behulpzaam, maar doet alles op het Braziliaanse tempo. Het is erg warm en benauwd in de hal. De paspoorten worden uitvoerig bekeken en de kaartjes worden langzaam uitgeschreven. Het wordt benauwder en ik begin te zweten. Ik voel me raar in m’n hoofd, zeg iets wat hij vast niet verstaat en ren naar buiten omdat ik op het punt sta om flauw te vallen.
Holland is een drukbevolkt landje. Maar het kan altijd gekker. Zitten wij met zestien miljoen in één land dan doen de Japanners daar een flinke schep boven op. Hetzelfde aantal mensen leeft daar namelijk in een enkele megastad. Een kijkje in de Urban Jungle die Tokyo heet. Deel 2 van de vierluik over Japan en Tokyo.
Als ik wakker word, merk ik pas weer hoeveel pijn mijn rug eigenlijk doet. Met moeite sta ik op. Ik vereer de receptie met een bezoek om te vragen hoe laat we worden opgehaald voor de excursie. De meid achter de receptie lacht stralend haar beugel bloot en antwoordt: “De tour gaat niet door hoor! Er zijn te weinig mensen geboekt!” Uiteindelijk verschuift ze ons naar de middagtour. Ik vertel Alet het nieuws en we zingen: ‘Brasil, lalalalalalalalaaaaa’. Even later gaat Alet nog even langs de receptie om te vragen of het zeker is dat de tour vanmiddag wel doorgaat aangezien we morgen weer zullen vertrekken. Ik raad haar aan de woorden ‘100%’, ‘sure’, ‘definately’ en ‘guaranteed’ te gebruiken. Ze komt gerustgesteld terug, de tour gaat door. Tenminste, dat zegt de receptioniste. De reden waarom de ochtendtour niet door gaat is echter gewijzigd; er zijn maximaal tachtig mensen toegestaan in de rivier en het maximum is al bereikt. Deze reden klinkt wat beter in de oren. De rivier wordt namelijk beschermd tegen overmatig toerisme. Ook is het niet toegestaan zonnebrand op te doen alvorens het water te betreden.
De aandacht wordt even afgeleid door een bekend geluid wat uit de ‘keuken’ komt: pop pop pop… popcorn! Als de grote pan popcorn op tafel wordt gezet, veert Alet op en gaat recht op haar doel af. Een gids heeft echter hetzelfde idee en loopt tegen het bankje aan waar Alet al op hangt. Alet’s arm komt in aanraking met de bloedhete pan en laat een knalrode streep achter als souvenir. De popcorn smaakt bijzonder goed en Alet en ik zijn degenen die zich het meest volproppen. Daar zijn we blij om als we ons diner aanschouwen. Als wij aan de beurt zijn om op te opscheppen, is er alleen nog keus uit verschillende piranhakoppen. Even later zit ik met mijn vissenkop bij het vuur. Het vuur hebben we aangestoken om een mugvrije plek te creëren. Je wordt hier weliswaar uitgerookt, de muggen houden deze plek voor gezien. Er zit nauwelijks vlees aan mijn vissenkop en ik beschouw de popcorn van daarnet, en de rijstkorrels van nu, als diner.






